zondag 21 september 2008

NNR op weg naar Talamanca



Over een week wonen we dus aan Playa Negra, Cahuita. We hebben er veel zin in. Een tuin van 4000 vierkante meter met een eigen waterbron en tal van fruitbomen (bananen, avocado, papaya, citrusfruit mjammie). We gaan er ons eigen paradijsje van maken! Ramona´s nieuwe school ligt er vlak naast en ziet er heel gezellig uit; er is ook een kleuterschool en een middelbare school bij dus er zitten kinderen van 4 tot 18 jaar op (maar in totaal niet meer dan 70 leerlingen). We hebben op de school in San Isidro een overgangsrapport geregeld zodat ze daar direct verder kan.
De verhuiswagen is ook al besteld en staat zaterdag 27 september om 8 uur voor de deur. Zaak dus om alles op te ruimen en in te pakken...opmerkelijk hoeveel spullen we eigenlijk in een jaarje tijd verzameld hebben, hopelijk past het allemaal in die vrachtwagen! Nou ja, dat zal wel lukken. Wat moeilijker is, is het regelen van telecomverbindingen in Cahuita. Er loopt langs die strandweg geen telefoonlijn! We waren dus van plan een mobieltje met GPRS-Internet (er staat in het dorp wel een grote GSM-mast) te kopen en hadden helemaal uitgezocht hoe ons door de horrible Tico-burocratie heen te worstelen....onze bedrijfspapieren laten authentiseren door een notaris en zo nog vele fratsen meer. Blijkt dat er bij de ICE helemaal geen mobiele telefoonlijnen meer beschikbaar zijn, alleen van een oud netwerk, TDMA genaamd, dat ook nog eens in 2009 afgeschaft wordt!!!
Volslagen incomunicado zullen we daar dus in het begin zijn, afgezien van een telefooncel in de straat en het internetcafe een kleine kilometer verderop. Noël heeft deze week een hele zoektocht gedaan naar alternatieve mogelijkheden: wireless of satelliet-internet. Dat laatste kost $ 600 per maand plus aansluitkosten plus borg, voor een slechte verbinding....laat maar zitten dan. Onze hoop is dat een van onze buren (de school of een hotel) wireless-internet heeft en dat we daarop mee mogen liften, tegen een vergoeding uiteraard. Anders wordt het plan B: een geactiveerde GPRS-telefoon overkopen van iemand...daar bestaat in dit land een levendige handel in, niet geheel onbegrijpelijk.
Telecommonopolist ICE heeft de internetrevolutie, die toch alweer z´n vijftiende verjaardag viert, helemaal gemist en heeft bij lange na niet de capaciteit om het land aangesloten te krijgen op de digitale snelweg. Ze kunnen niet eens aan de vraag naar telefonie voldoen. Kortom, we zitten hier helemaal te snakken naar UPC en Vodafone (ja, lach maar) en hopelijk gaat het niet al te lang meer duren voordat hier de grenzen opengaan voor buitenlandse telecomaanbieders. Dan wordt namelijk de verbinding tien keer zo snel en de rekening tien keer zo laag!
Maar er zal nog wel heel wat water naar de zee stromen voordat het zover is, dus het wordt voorlopig een beetje behelpen voor ons. We zullen regelmatig het internetcafe binnenlopen om onze mail te checken en af en toe een stukje te posten op het blog.
En hopelijk krijgen we het voor elkaar om ons tropisch strandparadijs on-line te krijgen, we houden jullie op de hoogte.

maandag 15 september 2008

A town with good vibes



Weer een weekendje Cahuita achter de rug. Dat was niet gepland maar omdat de huisbaas met een plotsklaps weer huiswaarts gekeerde dochter zit opgescheept, en we toch niet nog zo heel veel langer hier in de kou wilden zitten, hadden we afgelopen zaterdag een afspraak om een huis aan Playa Negra te gaan bekijken. In het kort: huis o.k., prijs o.k., joekel van een tuin met fruitbomen. We konden er gelijk in, maar dat ging natuurlijk niet. We moeten eerst nog even een rapport voor Ramona halen, de spullen inpakken, een mobieltje regelen, etc. etc.

Het was weer eens feestdag in Ticoland: Onafhankelijkheidsdag, 15 september. Die datum klopt voor geen meter, want Cartago. Leon en een hele reeks andere Ticosteden hebben pas later de onafhankelijkheid van die gekke spanjolen uitgeroepen. Goed, krijg je meteen heibel of het dan 29 oktober 1821 moet zijn, de Acta de Independencia van Cartago, of toch de zoveelste november, de datum dat San José wakker werd. Het werd dan toch maar 15 september, de dag dat de muilezel vanuit Guatemala op pad werd gestuurd met een brief waarin stond dat die spanjolen er geen trek meer in hadden. Daarmee moet ons nieuwe land het enige ter wereld zijn dat zijn onafhankelijkheid heeft te danken aan een kruizing tussen een ezel en een paard.
Goed, de Ticos en Ticas hadden vier dagen vrij, en degene met genoeg colones trokken naar de kust. Ook naar Cahuita, dus de cabinas waar we eerder verbleven waren volgeboekt. Dan maar een cabina in het dorp. Met die cabina was niks mis, integendeel. Het was evenwel weekend, het dorpscentrum zat vol met feestvierende Ticos, Ticas en toeristen, en de twee disco´s, op 100 meter afstand, hadden hun imposante versterkers op 110 staan. Ramen ofzo hebben die disco´s niet, dus het gebonk en gedreun is op 1 kilomter afstand te horen. Zaterdag waren we er al aan gewend, op zondag liepen de kinderen van het dorp langs met fakkels, de ouders zaten op het terras de onafhankelijkheid te vieren met een ongelooflijke sloot bier. Vanmorgen om 7 uur barstte er een bak herrie uit, recht voor ons raam. De plaatselijke schooldrumbands hadden het stukje straat voor onze cabina uitgezocht om zich op te stellen en nog even wat te oefenen. Dat geoefen duurde dus twee en een half uur. BONK BONK BONK. Want ze houden wel van die grote basdingen. Tamelijk sjachrijnig koffie gaan drinken bij de buren. Moest ik wel lachen, de dikke trom die de meeste herrie maakte werd fanatiek geslagen door een meisje, terwijl een knul dat ding op zijn rug moest tillen. Na die volslagen uit de maat zijnde desfile met allemaal apetrotse ouders, op naar de bushalte. De bus was laat, en we raakten in gesprek met een Afro-amerikaan die had besloten om in Cahuita te gaan wonen, en een bejaarde Afro-Limonesense die genoeg had van Limon, die ging ook in Cahuita wonen. ¨The town has good vibes!¨, daar waren de oudjes het wel over eens.

dinsdag 9 september 2008

Verhuizen.

Eind van de maand zit het jaarcontract van dit huis erop en omdat de buurman-huiseigenaar het huis voor zijn dochter wil hebben gaan we iets eerder weg dan gepland. Gisteren even de Beierse bakker in Cahuita gebeld. Die wist vorige week te vertellen dat hij wel wat lege huizen wist die te huur waren. ¨Kun je even wat details van die huizen en de nummers van de eigenaren achterhalen, bakker?¨. ¨Geef even je nummer, bel ik je terug¨. ¨Na zessen graag, bakker!¨ Om half zeven gaat de telefoon. ¨Heb je een pen? Eigenaar heet Piet, huis ligt naast de privé-school aan Playa Negra. Dit is zijn nummer¨.
Huis is niet bijster groot, schijnt wel een grote tuin bij te zitten. Aanstaande vrijdag vertrekt de huidige huurder, dan moeten er nog wat dingen gerepareerd worden en zouden we er eind van de maand inkunnen. Aanstaande vrijdag dus weer naar Cahuita om de zaak te bekijken en met de vrouw van de eigenaar af te spreken wat er eventueel aan het huis gedaan moet worden. ¨Daar komen we wel uit¨, aldus Fidel. Wel een vreemde naam voor een Duitse, maar ja. Alles kan. Het zou dus wel eens Playa Negra kunnen worden... Of anders een huis bij de ingang van het Nationaal Park. Mocht het Playa Negra worden, dan moeten de bezoekers die vanaf december in grote aantallen voor de deur staan wel een beetje inschikken en genoegen nemen met één slaapkamertje, een matras in de woonkamer en wat hangmatten in de tuin. Daarvoor loop je dan wel zo de zee in...

Gossie, de aanmeldingen stromen binnen... Tot eind maart zijn we volgeboekt. Geen probleem verder. Het bezoek moet wel ff zelf van het vliegveld naar busstation Caribe in San José, en daar bij het laatste loket een kaartje naar Cahuita kopen. Da´s heel makkelijk: ¨tieket Cahuita por fabor¨. Oeno, dos, tres of kwatro zeggen en geld overhandigen. Wachten op wisselgeld, vervolgens naar ¨spoor¨ 1. Hulpje van de buschauffeur gooit de bagage desgewenst in de daarvoor bestemde ruimtes. Vervolgens neemt men plaats op de genummerde stoel en drie, drie en een half uur later sta je dan op het gloedjenieuwe busstation van Cahuita. Even van te voren bellen, komen we het bezoek afhalen, of we sturen een piraat in een ¨taxi¨. Sta je tien minuten later voor onze neus.

Da´s geen onwil ofzo, dat we het bezoek niet komen ophalen in SJ. Dat is gewoon onmogelijk met de bus. De eerste bus vanuit Cahuita richting SJ vertrekt om een uur of zes. Komt om half tien daar aan. Rijdt een half uur later weer terug. Dan zijn de kaartjes uitverkocht. En 8 uur als een haring in zo´n tonnetje? No, gracias!
Ach, een kind kan trouwens de was doen. De eerste anderhalf uur rij je met de bus door het Braulio Carillo Nationaal Park en kijk je je de ogen uit de kop, daarna kun je gerust desgewenst een dutje doen. In Limón een plas, rook of wat dan ook pauze, nog een uurtje in de bus. Next stop: Cahuita. De bananen en ananasplantages die je al duttend op de heenreis hebt gemist, zie je op de terug reis wel.

Mezcla, de politiehond doet het goed, Maya is ondertussen een uit de klauwen gewassen beertje en met poes Simba is ook alles in orde. Nog één inenting hier in Alajuela, klaar! Volgende week een tussenrapport van Ramona vragen aan de juf zodat ze in Cahuita gewoon verder kan. Dan de boel langzaam gaan inpakken, het huis helemaal schoonmaken en wat kleine reparaties verrichten... een verhuiswagen regelen en nog eventjes gedag zeggen tegen Schildpad en de Boekenwinkel. O ja, en een internetaansluiting regelen in Cahuita zodat de boel hopelijk gewoon werkt als we er aankomen...

Intussen worden het noordelijk Caribisch gebied en de zuidkust van de VS geteisterd door het hevigste stormseizoen sinds mensenheugenis. Vooral Haïti, het armste land van het westelijk halfrond, is zwaar de klos door achtereenvolgens Fay, Gustav, Hanna en Ike (terwijl Josephine en Lowell in aantocht zijn). Er zijn veel doden te betreuren en hulp komt maar zeer mondjesmaat op gang. Arme Haïtianen. Hier in Costa Rica hebben we gelukkig geen last van het stormseizoen, door de zuidelijke ligging blijft dit land in de luwte wat betreft de Atlantische orkanen. Meer last hebben we van een gigawolk die van de Pacifico afdrijft en het hele subcontinent overdekt, maar de gevolgen daarvan blijven slechts beperkt tot af en toe flinke regen en onweersbuien.

dinsdag 2 september 2008

Playa blanca en verhuisplannen


Zo, we zijn weer terug op de berg, na een vijfdaagse verjaardagsvakantie in ons geliefde Cahuita. Toen we daar bij het busstation uitstapten, werden we aan de overkant begroet door de ¨opa¨ (Sofia´s vader). Vandaar regelrecht naar het terras van de Cocosbar (vier uur in de bus opgevouwen zitten terwijl het buiten 33 graden is, maakt dorstig) waar binnen vijf minuten twee Duitsers aanschoven die nu alweer 15 jaar in Cahuita wonen. Zij zijn de bakkers van het dorp. Dat we op zoek zijn naar een huis aldaar had zich dus al rondgesproken en ze wisten zo een viertal huizen aan te wijzen. Bijgekomen van de reis, op naar de Reggaebar alwaar Ramona meteen naar het strand verdween met een van haar vriendinnen. Even de bagage naar het hotel gebracht alwaar de eigenaresse van 6 huizen wist te vertellen die over een maand of twee klaar moeten zijn. Op naar het strandrestaurant alwaar de kok , tevens de dorpscasanova, een waar feestmaal van zee-kreeft in kokossaus, Caribische stijl, wist te bereiden....het was immers nog steeds Natasha´s verjaardag. De avond werd afgesloten in de Reggaebar, een soort sociale hub van het dorp, waar we werden bijgepraat over de laatste ontwikkelingen in het dorp. Nog even met de oprichters van de privéschool gepraat. De dagen vlogen voorbij. Nationaal park: mahoniebossen met schitterende witte stranden: Playa Blanca genaamd. Fantasisch mooi. Afspraken maken zodat we over een week of 7, wanneer we weer die kant opgaan, ook voor de visas, meteen van de hoed en de rand weten wat de huizen betreft. Dat het Costa Rica economisch op dit moment niet voor de wind gaat was wel te merken. Voor het eerst sinds tijden is de maand december nu nog niet volgeboekt. De bakker heeft problemen omdat mensen meer en meer voor de goedkoop gaan. In het restaurant waren we op zaterdagavond de enige klanten, en op zondag was de zaak dicht, een ingeplande tourgroep kwam niet opdraven. De kok keek behoorlijk sip, geen inkomen die dag...
Vanmorgen weer naar het busstation voor de lange rit terug. Tot grote vreugde van Ramona stond Eve met haar moeder ook te wachten op de bus naar San José. Dat is een nieuwe vriendin van haar uit het dorp die voor een paar weken naar Oostenrijk ging. Ze hebben de hele tijd in de bus zitten keten en alvast afspraken gemaakt voor eind oktober....
Lang verhaal kort: wie je ook spreekt in Cahuita, ¨inboorling¨ of ex-pat, geeneen die eraan denkt om te verhuizen naar de Centrale Vallei. Ze steken het liefst Tuba Creek niet eens over. Dat is zo´n beetje de grens van Talamanca... Puerto Viejo, in onze ogen toch min of meer een dorp, is ze al veel te groot en te druk. Eén minpuntje heeft Cahuita weer wel, ze hebben maar 1 geldautomaat, en die is erg vaak leeg of stuk. Daar stonden we dan vanmorgen bij de rekening vereffenen, effectivo te weinig, niet genoeg geld op de colonesrekening, wel op de NL-rekening maar die werkt met Maestro i.p.v. Master en dat werkte dus niet. Geen probleem, vond Sofia, ik geef je het rekeningnummer van Martin, dan maken jullie het maar over. Goed, die heeft Ramona dan ook al geadopteerd als reservedochter...

Helemaal terzijde, de buurman - en huisbaas - komt net thuis. We gingen hem even de huur betalen, de 1ste van de maand alweer. Hij keek bedrukt, wat blijkt, een van zijn dochters heeft problemen met d´r novio of zo (verbroken relatie) en moet dringend een ander onderdak. Ons jaarcontract loopt eind van de maand af, dus hoelang wilden we nog blijven? Zou zijn dochter wellicht??? De wet is hier overduidelijk. Huurbescherming met hoofdletters. We zouden hier zonder problemen nog 2 of 3 jaar kunnen blijven, maar dat willen we toch niet. Zaten we net te praten over wanneer we die man gaan vertellen dat we per 1 december weg willen, hakt ie zelf de knoop door. Morgen gaan we meteen bellen naar Cahuita. Er zijn een aantal huizen die per maand te huur zijn, wel wat duurder dan met een jaar- of halfjaarcontract, maar OK, dat zijn ze hier op de berg ook. Ramona kan ook voor de matricula (inschrijving) in december al naar die privéschool, dus dat is ook geen probleem. Het lijkt nu allemaal wat sneller te gaan dan gepland, soit. Dat wordt een verhuiswagen regelen. De volgende keer Cahuita wordt dus niet 24 oktober, maar eind september. Wel zonde van de drie bustickets die we al gereserveerd hadden voor 24-10. Nou ja, een eind gaan zeuren aan de balie. Maak ´t een maandje eerder, señor.

woensdag 27 augustus 2008

Over badpakjes en andere zaken.


De tijd vliegt, want donderdag vieren we alweer m´n 40-ste verjaardag! Dat gaan we helemaal in stijl doen, op een Caribisch palmenstrand metveel lekker eten en drinken. En als we in Talamanca een huisje vinden en daarna toe kunnen verhuizen, dan is 40 jaar worden helemaal Pura Vida, wat mij betreft.
Dat jaartje erbij maakt me niet veel uit, want de beste tijd van m´n leven moet nog komen, daar ben ik van overtuigd.....eigen finca in het bloedmooie Costa Rica: rust, ruimte en veel natuur. En vooral lekker onze eigen gang kunnen gaan, volop genieten is dat.
Morgen pakken we dus de bus, voor een lange rit door nationaal park Braulio Carillo, prachtig ongerept tropisch nevelwoud (hooglandjungle) is dat. Waarna de uitgestrekte laagvlakte van Limón volgt, met z´n ananas- en bananenplantages en zinderende hitte...om te eindigen in het mooiste stukje Costa Rica: Talamanca (ssst, geheimtip, niet verder vertellen). Onze mini-vakanties daar duren voor ons altijd veel te kort, we willen er steeds weer wat daagjes aanplakken...maar straks, over drie maanden (hopelijk) dan wonen we op ons vakantie adres en gaan er nooit meer weg. Nou ja, zo af en toe zullen we wel naar provinciehoofdstad Puerto Limón moeten voor de post en bijvoorbeeld de computerwinkel en andere speciaalzaken. En een keer per jaar ofzo naar dat stomme San José, om de advocaat te bezoeken en naar Migración te gaan, als die tenminste geen bijkantoor hebben in Limón. Het is echt fijn om zeker te weten in welk deel van het land we willen wonen. Elke emigrant kunnen we aanraden om het zo aan te pakken als wij het hebben gedaan: ga eerst een jaartje of langer iets huren en kijk intussen goed om je heen. Zoveel mensen kopen veel te snel iets en vinden dan later pas de veel idealere plek...en dan zit je met je koophuis, dat niemand wil hebben, tenminste niet voor de fantasieprijs die de gemiddelde expat ervoor betaald heeft. Een huurhuis daarentegen is zo opgezegd en je boeltje is dan ook zo ingepakt...zo heb je de vrijheid om te gaan en staan waar je wilt. Daarnaast is huren hier goedkoop: voor de plek waar we nu al bijna een jaar zitten; een mooi afgewerkt huis in Spaanse stijl met tuin, zijn we maar € 177 per maand kwijt. Vorig jaar was dat trouwens nog € 210, maar omdat de colon devalueert gaat hier elke maand de huurprijs een beetje omlaag. Ook een aparte ervaring, want uit NL kenden we alleen maar huurverhogingen. Als gevolg hou je hier wat meer over van je inkomen, om leuke en belangrijke dingen van te doen. De Tico´s zien je dan wel weer aan voor een miljonair, dat was flink wennen voor ons in het begin. We zijn natuurlijk helemaal niet rijk, maar relatief gezien wel, want de lonen liggen hier echt verschrikkelijk laag. Hoe die Tico´s rondkomen is ons vaak echt een raadsel. Hier op het boerenland (plat kun je het niet noemen) gaat het zo dat men in grootfamilie-verband leeft. Kinderen bouwen een huisje op het land van hun ouders of grootouders. Eten doet men allemaal samen, meestal kookt oma en de hele familie schuift aan tafel. Men zorgt voor elkaar, want sociale zekerheid zoals wij die kennen is hier gewoon niet; oudjes krijgen vaak niet eens een pensioen. De familie is je sociale zekerheid, een behoorlijk 19e- eeuwse agrarische samenleving is het eigenlijk. Hoewel je ook wel moderne tendenzen als urbanisatie en een dalend geboortecijfer ziet, leeft de Tico in een heel andere werkelijkheid als de gemiddelde Europeaan of Yank. Niet persé slechter, want het gaat er erg sociaal aan toe over het algemeen. Maar anders is het wel, bejaardentehuizen heb je hier bijvoorbeeld nauwelijks...die staan alleen in de steden en voor ouderen die geen familie (meer) hebben. Zelfs in dat geval nemen vaak de buren de honneurs waar en brengen pannetjes eten langs, tot het zelfstandig wonen echt niet meer gaat. Gisteren hadden we het er toevallig nog over: hoe je de beschaving van een land kunt aflezen aan hoe het met kwetsbare groepen als hulpbehoevende ouderen omgaat. Dit naar aanleding van een verhaal in de Volkskrant over zichzelf verrijkende topmanagers in de NL-zorg; terwijl de patiënten kennelijk in een vieze luier liggen door te liggen, er geen tijd is om ze te wassen of de kamers fatsoenlijk schoon te maken; want dat moet immers in 2 minuten en 17 seconden, dus kun je wel nagaan dat dat niet echt schoon is. Voor de Tico is dat totaal onbegrijpelijk en ze vinden het ongelooflijk krenterig en onbeschoft, wat het in feite ook is. Zo´n rijk land, maar de oudere generatie, die alles opgebouwd heeft, die wordt slechts gezien als een last en een kostenpost. Maar hé: oud worden we uiteindelijk allemaal (nu ik 40 word realiseer ik me opeens dat dat al halverwege de 80 is) en iedereen heeft recht op een waardige oude dag, toch? Denk dat wij- tegen die tijd- als genaturaliseerde en helemaal ingeburgerde Tico´s een heel stuk beter af zullen zijn dan jullie daar aan de overkant van de grote plas. Tenzij daar nu ingrijpende wijzigingen doorgevoerd gaan worden, maar op de een of andere manier zie ik dat daar allemaal nog niet zo snel gebeuren...het is vooral een mentaliteitskwestie en die verander je echt niet zo maar even ....goed, de verdere ontwikkelingen worden hier door ons vanaf de overkant van de Atlantico allemaal met warme belangstelling gevolgd, dat wel.

Zo, nu ga ik mijn badpakjes inpakken!

vrijdag 22 augustus 2008

1 Jaar Costa Rica

Vandaag, 21 augustus, is het precies een jaar geleden dat we de grote stap gewaagd hebben en naar Costa Rica verhuisd zijn. Intussen spreken we de taal goed en zijn behoorlijk ingeburgerd, dat laatste merk je vooral aan de kleine, alledaagse dingen...zo vind ik rijst met frijoles (zwarte bonen) inmiddels heel smakelijk, is een minirok bij nader inzien toch best een acceptabel kledingstuk en is ranchero (mexicaanse country) en mariachi eigenlijk heel leuke muziek voor feesten en partijen.
Had je een jaar geleden niet mee bij me moeten aankomen!!!
Ook van karakter zijn we wel een klein beetje in Latino´s veranderd: zij zijn rustiger...meer laconiek en stoïcijns in hun levenshouding ´ach, dat kan morgen ook wel´ en ´soit, volgende keer meer geluk´ en ´maak je niet druk´ dan Europeanen.
De verschillen met ons vaak hectische en overmatig geregelde leventje in Nederland zijn verder ook best groot; ten eerste is dit een land in ontwikkeling waardoor het soms lijkt of je 15-20 jaar terug in de tijd gekatapulteerd bent. Technologische vooruitgang lijkt hier op veel gebieden nog maar in de kinderschoenen te staan, alhoewel men op dat gebied wel met een soort van grote inhaalslag bezig is. Het goede nieuws is dat Costa Rica op milieugebied niet alle fouten van andere landen gekopieerd heeft, maar de weg naar duurzame ontwikkeling hier nog steeds open ligt...als men tenminste de juiste keuzes blijft maken. Men streeft er inmiddels naar om in 2021 (200 jaar na de onafhankelijkheid) helemaal CO2-neutraal te zijn, dit samen met IJsland, Noorwegen en Nieuw Zeeland; met een dergelijke ambitieuze doelstelling is Costa Rica het enige ontwikkelingsland ter wereld...net als met het afschaffen van het leger, inmiddels alweer 60 jaar geleden.
Tiquicia (Ticolandje) trekt z´n eigen plan op het wereldtoneel, kun je wel stellen...en daar mogen de Tico´s met recht trots op zijn. Voor ons verloopt het leven hier kalm en ontspannen, om niet te zeggen zeer relaxed; maar voor het soort mensen die het consumptieparadijs NL niet kunnen missen is het bestaan hier eerder stressvol. Je hebt in winkels bijvoorbeeld niet de keuze uit duizenden soorten broodbeleg, om maar wat te noemen...Tico-kaas, spek en Tico-jam (smaakt ook allemaal net ff anders) daar moet je het mee doen. Pakken vla met abrikozen-brandy smaak of tomatenroomsoep met basilicum in een plastic zak, om maar wat dwarsstraten te noemen, zul je hier in de schappen ook vergeefs lopen zoeken. Maar daar staat wel tegenover dat de verse mango´s, bananen, papaya´s, guave´s, limoenen, ananassen en avocado´s zo uit de boom komen vallen of voor een habbekrats op de markt te koop zijn. Omdat het land in de tropische zone ligt, schijnt hier het hele jaar door de zon met een intense felheid, ook in de regentijd. Onze huidjes zijn dus inmiddels verkleurd van melkwit naar honingbruin. Buiten de Centrale Vallei is het land zeer groen en bossig en de bio-diversiteit is inderdaad erg indrukwekkend. Genieten voor de natuurliefhebbers onder ons, om de bekende kamerplanten die in NL vaak een kwijnend bestaan in te donkere huiskamers lijden, in hun volle glorie te zien groeien en bloeien. En om allerlei dieren en diertjes in hun natuurlijke leefomgeving te zien leven, die je voorheen alleen van filmbeelden kende. Om twintig toekans in een mahonieboom te zien zitten, da´s awesome! Of spelende brulaapjes die je wakker maken bij zonsopgang; luiaards, gifkikkertjes, iguanas en wandelende takken die je pad kruisen en mini-kolibrietjes en felgekleurde reuzenvlinders die de nectar uit de heliconia´s in je tuin komen opdrinken, echt fantastisch.
Het leven verloopt hier veel langzamer en dat geeft rust en ruimte in je hoofd. Sommige dingen zijn dan wel weer ergerlijk traag: zoals de burocratie, ambtenaren met mañana-mentaliteit en winkelpersoneel met het werktempo van een schildpad...maar dat went allemaal wel, als je je Hollandse haastgevoel maar weet los te laten. Waar is al dat gejakker ook eigenlijk goed voor, als je weet dat je van chronische stress hartstikke ziek kunt worden?!
Natuurlijk heeft de Tico ook heus wel stressfactoren in z´n leven, bijvoorbeeld: ´hoe de eindjes financieel aan elkaar te knopen?!´ Maar men gaat daar toch anders mee om: feestjes en vrolijkheid staan hier op de eerste plaats; Costa Rica kent dan ook duidelijk een wij-cultuur, in tegenstelling tot de Nederlandse ik-cultuur. Een verademing, ook al omdat de bejegening die je hier van je medemensen krijgt, over het algemeen zoveel positiever en vriendelijker is. ´Hoe maakt u het?´, hoor je hier de hele dag en: ´het ga u goed´ en ´mi amor´ (lieverd) met een gulle lach erbij; heel anders dus dan de beruchte gierige horkerigheid (en de zure, bekrompen kinnesinne) die in Nederland op de een of andere manier zo vaak uit ons deel was. Niet van iedereen hoor! Gelukkig kennen we ook nog een paar echte lieve schatten in Nederland, die ook na een jaar nog steeds trouw contact met ons onderhouden, pakjes opsturen en ons zelfs bijstaan met praktische zaken waar ze kunnen! Dat wordt hier bijzonder gewaardeerd! Voor de rest raken de contacten met de Europese bakermat ondertussen wat op de achtergrond, maar dat was min of meer te verwachten. Een transatlantische verhuizing heeft veel voordelen, maar ook wel wat nadelen...c´est la vie...
Als we weer eens wat geld overhebben voor een buitenlandse reis, dan zal dat waarschijnlijk naar Panama, Cuba of Mexico worden...in deze regio dus en niet meer naar Nederland, voorlopig althans. Spijtig voor onze ouders en anderen die ons na staan, maar na een jaar op het Amerikaanse continent is Nederland voor ons gevoel erg ver weg geraakt. We volgen het nieuws wel elke dag in de online-kranten en weekbladen, maar eerlijk gezegd staat daar nou nooit iets in wat ons enthousiast maakt om eens een slordige 3000 euries in een bezoekje te stoppen. Want dat zouden we wel kwijt zijn aan vliegtickets en die prijzen vertonen door de heersende brandstofcrisis alleen maar een stijgende lijn. Over een jaar of vier-vijf zal het wel helemaal afgelopen zijn met vliegvakanties voor de (sub)modale massa, dus ik zou zeggen jongens en meisjes: kom maar allemaal naar Costa Rica nu het nog kan! Jullie zijn van harte welkom bij ons thuis; alleen niet allemaal tegelijk ajb en komend winterseizoen (hier droog seizoen) zitten we al helemaal volgeboekt met bezoek uit de lage landen. ¡Nos vemos!

Dit was Natasha´s blogbijdrage over 1 jaar Costa Rica, nu volgt die van Noël:

Eh, ja moet ik nog aan toevoegen? Een kanttekening voor wat het milieu en de natuurbescherming hier betreft. Dat is allemaal leuk en aardig maar vooral op papier. Daar ligt voor de volgende Tico-regering nog een hoop werk want van de huidige club valt niets te verwachten. Veel te druk bezig met allerlei schandalen in de doofpot te stoppen.
We zijn hier nu op de kop af een jaar, waarvan bijna elf maanden hier op de berg. De mensen in het dorp zijn aardig, Ramona doet het goed op school en met de buurtkinderen. Toch gaan we volgende week wat anders zoeken in Talamanca. Hier op de berg is het me gewoon te koud. En de drukke stad is me iets te dichtbij. We willen gewoon ook meer ruimte. Voor de beesten die we al in huis hebben, en de beesten die nog gaan komen. We zijn nu een stuk of vier, vijf keer in Cahuita geweest en kennen er het halve dorp. Dat is ook niet zo moeilijk want het is een dorp van niks, haha. Nou ja, van niks, alle basics zijn er. Zelfs snel internet, iets wat hier op de berg nog wel jaren gaat duren...
Ramona moet hier nog een dikke drie maanden naar school, dan zit het eerste jaar erop en het ligt in de bedoeling dat ze het derde jaar in Cahuita begint. Het tweede jaar mag ze wat mij betreft overslaan.
Het was het afgelopen jaar niet allemaal rozegeur en maneschijn. Dieptepunt was het doodgaan van de twee honden Sabuh en Marcosito. Mayah is er gelukkig nog en die wordt met de dag steviger. Die ex-hond van de dorpsagent weet niet wat haar gebeurt, de hele dag eten in het bakje? Die vreet zich dus kogelrond. Die moet nodig meer bewegen maar dat is hier lastig. Vinden we wel wat op. Echt lastig vind ik wel de financieel-economische problemen waar veel nieuwe landgenoten mee te maken hebben gekregen. Je schaamt je bijna rot als je je boodschappenwagentje vol gooit en voor je bij de kassa staat iemand met 1 blikje bier, of een pak jus. Of twee uien.... Andere keer meer.

dinsdag 12 augustus 2008

Welkom Prins Simba!


We hebben van de buurvrouw een jong poesje gekregen; het is een grijs gestreept katertje en hij heet Simba. Hij is prachtig en heel erg lief. Wel is hij nogal mager, want hij is z´n moeder kwijtgeraakt...moederpoes ging een wandelingetje door het dorp maken en werd prompt doodgebeten door een van de vele straathonden hier, zielig hè? Gelukkig waren de jonge poesjes toen net 6 weken oud en van de borst af. We zijn meteen met Simba naar de dierenarts gegaan en daar bleek hij zwaar geïnfecteerd te zijn met parasieten: wormen en vlooien. Daar is hij tegen behandeld en hij heeft ook een tube met astronautenvoeding (vitaminen, mineralen, omega-3 vetzuren) gekregen om aan te sterken. Dat helpt erg goed, want nu mauwt hij niet meer klaaglijk maar speelt de hele dag en hangt in de gordijnen, zoals jonge poesjes betaamt.
Nu moeten de honden alleen nog aan hem wennen; da´s wel een beetje zorgelijk want de een is een jachthond en de ander een soort woeste wolf...als hobby hebben ze allebei het vangen en doodbijten van ratten en ze zien het verschil niet tussen de ene kleine haarbal en de andere. Heel voorzichtigjes aan dus aan elkaar laten wennen...Simba slaapt vooralsnog in Ramona´s bed en zit veel bij haar op schoot. Ze noemt hem kleine prins Simba. Vanmorgen sloop Maiah de slaapkamer (net toen ik Ramona onder de douche zette) en guess what: ze deed heel lief en voorzichtig! De kleine poes stond met een hoog ruggetje te blazen, maar dat zal allemaal binnenkort vast wel goed komen.Wij zijn er in ieder geval heel blij mee....